Den Haag - Molens

De geschiedenis van molens in Den Haag gaat terug tot de 14e eeuw, met de eerste vermelding van een korenmolen in Loosduinen in 1310. Tot het einde van de 19e eeuw stonden er tientallen molens in en rond de stad, voor zowel polderbemaling als graanverwerking. Vooral langs de Noordwest Buitensingel en de Westsingel was de dichtheid aan molens in de tweede helft van de 19e eeuw hoog. De rij korenmolens hier was enigszins vergelijkbaar met de rij hoge molens die nu nog in het centrum van Schiedam staan. De straatnaam Bij de Westermolens in de buurt Kortenbos is de enige herinnering aan de molens in deze omgeving. Door nieuwe technische ontwikkelingen voor energievoorziening zoals de stoommachine, dieselmotoren en elektriciteit raakten de molens steeds meer in onbruik. Veel molens kwamen te vervallen en werden uiteindelijk gesloopt. Slechts enkele molens verder buiten het stadscentrum hebben het verval en sloop overleefd.

In de gemeente Den Haag staan tegenwoordig nog slechts drie molens, namelijk Molen de Korenaer in Loosduinen, De Laakmolen in Laak en de Nieuwe Veenmolen in Bezuidenhout. Als je hele agglomeratie neemt, dus Den Haag inclusief alle vastgegroeide bebouwing van Leidschendam-Voorburg, Rijswijk, Nootdorp en Wateringen, dan kom je uit op acht molens. Al deze molens zijn opgenomen in onderstaande fotoserie.


1. Kaart met alle nog bestaande historische molens. Op deze kaart in onderscheid gemaakt tussen stellingmolens en grondzeilers.




2. Vlakbij het winkelcentrum van Loosduinen staat Molen De Korenaer. Deze molen is een beetje ingeklemd tussen het woonzorgcentrum Saffier en woonbuurt De Brinken. Toch is er genoeg ruimte rondom de molen overgebleven zodat de vroegere landelijke ligging nog enigszins wordt benaderd. Samen met de achterliggende Abdijkerk en de oude huisjes aan de voet van de molen vormt dit het beeld van Loosduinen dat zo op een ansichtkaart past.

Molen De Korenaar is gebouwd in 1721, dus inmiddels ruim 300 jaar oud. Zoals de naam al zegt is het een molen om graan mee te vermalen. In de molen zijn nog steeds drie molenaars actief die zorgen voor productie van meel. De Korenaer is niet de eerste molen op deze plek. In 1310 werd hier de eerte molen gebouw in opdracht van Graaf Willem III. Deze molen heeft 259 jaar dienst gedaan waarna hij werd gesloopt. In 1595 werd een tweede molen opgericht door Prins Maurits. Tijdens een hevige storm in 1720 stortte deze molen in. Direct daarna werd gestart met de bouw van de huidige molen.


3.


4.


5.




6. Op de plek waar het veenriviertje Laak uitmondt in de Haagse Trekvliet staat de poldermolen Laakmolen. Deze molen stamt uit 1699 en is gebouwd op de restanten van een nog veel oudere watermolen op dezelfde plek. Nabij de molen werden in het verleden geëxecuteerde gevangenen tentoongesteld aan galgen en raddraaien. Dit deed men om passanten te ontmoedigen om rottigheid uit te halen in de stad. Door deze geschiedenis staat de Laakmolen ook wel bekend als Galgmolen. In 1982 werd de molen getroffen door een grote brand, en toen de restaurantie bijna voltooid was volgde een nieuwe brand. Gelukkig is hier nu niks meer van te zien.

Vroeger stond de Laakmolen vrij in een open veenlandschap, maar met de bouw van de Molenwijk en het aangrenzende Laakkwartier in de jaren 20 en 30 van de vorige eeuw werd de molen opgeslokt door de stad. De bebouwing was aanvankelijk maximaal vier bouwlagen hoog, dus de impact op de molen was niet heel groot. Inmiddels is aan de Neherkade veel hogere bebouwing verschenen dat fungeert als groot windscherm. De Laakmolen heeft hierdoor de minste landschappelijke waarde van alle molens in Den Haag.


7.


8.


9.




10. In het meest westelijke puntje van de wijk Bezuidenhout staat de Nieuwe Veenmolen. Deze molen is in 1654 gebouwd en is daarmee de oudste nog bestaande molen in Den Haag. In tegenstelling tot de andere Haagse molens is de Nieuwe Veenmolen niet op restanten van een oudere molen gebouwd. De Nieuwe Veenmolen is de eerste en enige molen op deze plek. Met de bouw van de wijk Bezuidenhout in de jaren 30 en Mariahoeve in de jaren 60 werd de molen volledig geïntegreerd in het stadslandschap van Den Haag. Vanwege de groenstrook langs het spoor lijkt het nog een beetje alsof de molen in zijn natuurlijke habitat staat.


11.


12.


13.




14. De Schaapweimolen is de enige resterende molen van Rijswijk. Deze poldermolen werd in 1826 gebouwd in de Schaapweipolder op de plek van waar een jaar eerder een wipmolen was afgebrand. Vanwege de aanleg van afrit 11 van de A4 in 1988, de aansluiting op de Prinses Beatrixlaan, moest de molen worden verplaatst. Er werd een nieuwe plek gevonden in de Hoekpolder nabij het restant van de Hoekpoldermolen. Door de aanwezigheid van twee grote watergangen aan weerszijden van de molen lijkt het net alsof de molen hier altijd al heeft gestaan.


15.


16.


17.


18. Op zo'n 200 meter ten westen van de Schaapweimolen staat het restant van de Hoekpoldermolen. Deze molen werd gebouwd in 1721 en gesloopt in 1928. Het waterpeil in de polder wordt nu gereguleerd door een gemaal dat nog eens 100 meter verder naar het westen is geplaatst.




19. Midden in Wateringen staat de 30 meter hoge korenmolen Windlust. Deze molen is 1869 gebouwd op de plek waar sinds 1326 een wipmolen stond. Nadat de Windlust 11 jaar na oplevering afbrandde werden onderdelen van andere Nederlandse (afgedankte) molens gebruikt om de molen weer op te bouwen. De molen deed dienst tot de jaren '30. Daarna trad het verval in en werd de molen stukje bij beetje afgebroken. De molen fungeerde een tijdlang als magazijn met reserveonderdelen voor andere molens. Uiteindelijk bleef slechts een kale molenromp over. Dit was een doorn in het oog van een groep Wateringers. Zij verenigden zich in een stichting en kochten de molenromp met het doel deze te herstellen. In 1972 werd de gerestaureerde molen in gebruik genomen.


20.


21.


22.




23. In het meest zuidelijke puntje van Nootdorp, aan de weg richting Pijnacker, staat de molen Windlust. Evenals zijn naamgenoot in Wateringen is dit een stellingmolen waarin graan kan worden vermalen. Molen Windlust is in 1781 gebouwd op de plek waar vanaf 1625 een wipmolen heeft gestaan. De omgeving van de molen is sinds de oprichting flink veranderd. Waar de molen voorheen vrij in het landschap stond, is de bebouwing van Nootdorp vanuit het noorden inmiddels opgetrokken tot aan de molen. Het zuiden is nog steeds gevrijwaard van bebouwing. Door de aanwezigheid van recreatiegebied Dobbeplas en het aansluitende Bieslandse Bos is het niet aannemelijk dat hier snel verandering in komt.


24.


25.


26.




27. Midden in het stedelijke gebied van Voorburg ligt een resterend stukje polder met daarin molen De Vlieger. Door de nabijheid van enkele grote flats ontstaat een karakteristiek beeld van 'de oprukkende stad', een beeld zoals je vroeger ook kon vinden in een lesboek over aardrijkskunde. Op de imponerende flats aan de horizon na is de stad tot dusver toch nog op enige afstand van de molen gebleven.

Ondanks de historisch ogende setting staat molen De vlieger hier pas sinds 1989. Oorspronkelijk -sinds 1621- stond deze molen op de plek waar nu Sportcentrum Forum Kwadraat staat. Bij de ontwikkeling van dit sportcomplex met omliggende huizen was geen plaats meer voor de molen, dus resteerde alleen nog de optie om hem te verplaatsen.


28.


29.


30.




31. Aan de Vliet in Leidschendam staat de bijzondere molen De Salamander. Vrijwel alle molens in de regio zijn gebouwd met het doel om polders droog te houden of om graan te malen. Molen De Salamander heeft een andere functie, deze is in 1777 gebouwd om hout mee te zagen. Het is een van de vroegste vormen van de industrialisatie die vanaf de tweede helft van de 19e eeuw tot wasdom kwam in Nederland. Oorspronkelijk stond molen De Salamander een klein stukje zuidelijker dan nu. De molen vormde daarbij onderdeel van een duo met molen De Hoop. Toen deze buurman in 1894 door een bliksem werd getroffen in 1894 en vervolgens afbrandde bleef De Salamander als enige over.

Nadat de molen in 1953 buiten gebruik werd gesteld trad het verval op een haast medogenloze wijze in. Een groep bezorgde bewoners verenigde zich in een stichting met als doel de molen van de ondergang te redden. De molen werd zo'n honderd meter ten noorden van zijn oorspronkelijke locatie herbouwd, op de plek van zijn vroegere buurman. Tegenwoordig staat de molen er weer florissant bij.


32.


33.


34.




35. Net buiten Leidschenveen ligt de Molendriegang. Dit bestaat uit een drietal grondzeilers die samenwerken om de Nieuwe Driemanspolder droog te houden. Deze molens hebben de opeenvolgende namen Bovenmolen, Middenmolen en Ondermolen. Oorspronkelijk zijn de molens gebouwd in 1672, maar vanwege een grote brand in 1902 dateert de huidige Ondermolen (meest zuidelijk gelegen molen) uit 1903. De molens hebben tot 1952 dienst gedaan, daarna werd de afwatering overgenomen door een gemaal. Doordat de provincie Zuid-Holland de molens in 1958 kocht restaureerde en inzette als reservebemaling werd verder verval tegengegaan.


36.


37.




38. Geen oude molen, maar toch eentje die inmiddels thuishoort in de verzameling windmolens in Den Haag. In 2017 is bij het spoorwegemplacement in de Vlietzone een windturbine met de naam De Haagse Molen gebouwd. Met een ashoogte van 94 meter en tiphoogte van 150 is het zeker niet de hoogste windmolen in Nederland, maar wel hoog genoeg om een prominente plek in te nemen in het stadslandschap. De bouw van de windmolen zorgde vooral voor veel commotie in de nabijgelegen Zeeheldenbuurt in Leidschendam.